‘In de tuin waren er vele mooie vogels en hun stemmen mengden zich dooreen zodat niemand ooit ontwarren kon van welke vogel nu welke zang afkomstig was, maar toch was de algehele melodie van onbeschrijflijke schoonheid.
Onder al deze vogels was er maar een die niet zo mooi was. Hij was klein en bruin en zag eruit als een kiezelsteen in een mand vol juwelen. Hij kwam de leerling daarom voor als een bruiloftsgast die geen bruiloftskleren had aangetrokken ter ere van de Geliefde. Daarom was hij erg kwaad omwille van van de Geliefde en verdreef de vogel uit de tuin.
Maar nauwelijks was hij heengelopen of (ook al zongen alle andere vogels nog zo welluidend) het lied van de tuin leek zijn schoonheid te hebben verloren en de heerlijke rozen lieten hun hoofden hangen en begonnen te sterven.
Plotseling kwam de hoeder van de tuin tevoorschijn en vroeg de leerling wat er met de bruine vogel was gebeurd.
De leerling was verwonderd en vertelde de hoeder wat er was voorgevallen.
Waarop de hoeder snel de tuin uitging en de bruine vogel riep, die kwam aangevlogen en streek neer op zijn schouders. Zo bracht hij hem weer de tuin binnen en hij zong vol blijdschap omdat hij was teruggekeerd in de tuin. En daarop was de hele tuin weer vervuld van gezang en verhieven de rozen hun hoofden weer.
Toen vroeg de leerling de hoeder: ‘Heer, zeg me alstublieft wat voor vogel dit is en hoe u meteen ontdekte dat hi niet meer in de tuin aanwezig was?’
De hoeder antwoordde: ‘Hij wordt de nachtegaal genoemd en hoewel zijn pluimage minder mooi is dan die van de andere vogels, zijn stem is des te lieflijker en voller dan de hunne, zodat hij de hele tuin vult met gezang en zijn zingen is zo mooi, dat wanneer de rozen het niet langer horen, zij hun hoofden laten hangen.’
Zo ontdekte de leerling dat elk ding zijn eigen gaven aanbrengt ter ere van de Geliefde.
Uit: de tuin van de Geliefde - Robert E. Way.’
Mensen zijn geneigd om alleen het mooie te willen zien en dat wat minder mooi is uit hun leven te verbannen. Terwijl dat wat misschien niet zo mooi is, je heel veel kan brengen. Alleen naar je kwaliteiten en krachten kijken is niet helpend op de lange termijn. Ja, het is goed om te weten waar je talenten en krachten liggen, goed voor je zelfvertrouwen en zelfwaardering en het geeft je handvatten om door het leven te komen. Maar het verstoppen van je schaduwkanten en dat waar je minder goed in bent, is het ontkennen van een deel van jezelf. En dat is op de lange termijn schadelijk, want wie hou je nu eigenlijk voor de gek? Dat deel van jou, maakt je compleet. Zonder dat deel ben je maar een half mens. Je verliest een deel van je kleur.
Wanneer je maar blijft kijken naar hoe lelijk je zwakkere kanten zijn, zul je net als de leerling de neiging hebben om deze kant te verbannen uit je leven, om deze diep weg te stoppen, verborgen onder een masker van de ‘ik’, die jij wel aan de buitenwereld wil laten zien. De ‘ik’ die sterk is, die plezier heeft, die succesvol is. Maar die andere, minder mooie kant verdient net zoveel aandacht, want: ‘Daar waar je struikelt, ligt je schat’. - J. Campbell. De dingen die lastig zijn, waar je dus over struikelt, geven je namelijk heel veel informatie over jezelf en hoe je met dingen omgaat in het leven. En als je bereid bent om deze aan te kijken en eraan te werken, dan zul je merken dat elke valkuil ook weer een kracht is die uit balans is geraakt. Elk negatief aspect heeft een positieve tegenhanger en andersom. Het is de kunst om deze aspecten die uit balans zijn, weer in harmonie te brengen en daar ligt dan je schat: je groei en ontwikkeling, meer bewustzijn en acceptatie van alle kleuren en aspecten in jezelf. Van de schaduw tot het licht en weer terug.
Reactie plaatsen
Reacties